UIT DE OUDE DOOS DEEL 2

Misschien wel de mooiste prestatie de Trappers ooit hebben geleverd en internationaal zeker de meest aansprekende. is het behalen van de halve finale van de Europa Cup in het seizoen 1973-1974. Eerste obstakel was CPL Luik, een team dat rijkelijk was gevuld met Canadezen. Op 22 oktober 1973 zagen 3500 toeschouwers de Trappers in eigen huis met 10-5 zegevieren. Opvallend was dat coach Paul Dom, in tegenstelling tot in de kompetitie, nu ook als speler op het wedstrijdformulier stond. Precies zeven dagen later bleven de Trappers in de Hel prima overeind en zagen 2500 Belgen de thuisclub met de cijfers 11-5 knock-out gaan. De tweede periode werd door Tilburg met maar liefst 6-1 gewonnen en het duo John MacDonald-Ward Laurie vertolkte een absolute hoofdrol.

Toen voor de loting voor de tweede ronde KAC Klagenfurt uit de koker kwam. leek de Europese tournee voor Tilburg snel afgelopen. Maar wat bleek, in een bomvolle thuishaven van ‘Die Kartner’ kwamen de Trappers op een comfortabele 4-0 voorsprong. Dat beide teams uiteindelijk nog op 5-5 finishten, mag daarom misschien als een teleurstelling worden gezien; vooraf had echter niemand rekening gehouden met een draw tegen de sterke Oostenrijkers. Een bomvolle Pellikaanhal (4200 toeschouwers!) betekende voor de Trappers in het begin even wennen , maar toen de opgelopen 0-2 achterstand (al na vier minuten was die stand bereikt) was gladgestreken, denderde de blauw-gele trein onstuitbaar door. De Russische grootheden Zyplakov en Wassiljew kregen geen schijn van kans en werden met 8-3 hardhandig aan de kant gezet, een bittere teleurstelling rijker geworden.

Toen volgde die beroemde derde ronde tegen het Hongaarse Ferencvaros. De Trappers begonnen met een thuiswedstrijd en schoven de Magyaren vakkundig onder het ijs. Met 11-2 bracht de ploeg van Paul Dom het publiek in extase en leek de volgende ronde al in de pocket. Leek, want de hel die in Boedapest losbrak bracht de Tilburgers toch lichtelijk van het stuk. Een dikke 11000 (!!!) doorgedraaide Hongaren zorgde voor een angstaanjagend sfeertje; tientallen agenten met honden completeerden de gehele entourage.

Toch bleef de schade beperkt tot een onterechte 6-5 nederlaag, een regelrecht compliment voor iedere Trapper waardig. Het was de Tsjechische scheidsrechter Platenik die Tilburg dat ene puntje deed mislopen. Doelman Gobel's stick schoof ten dele over de doellijn op het moment dat hij met z'n vanghand een Hongaarse aanval onschadelijk maakte. Platenik zag het uiteinde van Gobel's stick aan voor de puck en wees resoluut naar het midden. Gelukkig kwam door deze dwaling de volgende ronde van de Europa Cup niet in gevaar.

Het einde van de droom kwam geheel volgens de verwachtingen in diezelfde volgende ronde. Het was het Tsjechische Tesla Pardubice dat de weg naar de Finale blokkeerde. De halve eindstrijd werd overigens pas in het seizoen 1974-1975 gespeeld! De Pellikaanhal trilde dit maal niet op z'n grondvesten van de spanning, want de oosteuropeanen bleken een flinke maat te groot. Met een verbaasde blik keek het -toch zeker verwende- Tilburgse publiek op van de hoogdravende Tsjechische supernatie op het ijs. Zowel uit als thuis gaven de grootmeesters een show ten beste: met de voor zichzelf sprekende cijfers van 8-3 en 7-1 werd Tilburg aan de zegekar gebonden. De sterkte van EC-winnaar CSKA Moskou wordt niet beter getypeerd dan door de cijfers waarmee zij de overwinnaar van de Trappers van de ijsvloer veegden. Met 12-2 en 6-1 declasseerden de Russen de ploeg uit Pardubice.

Het Europese avontuur was dus over voor de Trappers, maar nog nooit in de geschiedenis had een Nederlandse club het zo geweldig gedaan in de Europa Cup, sterker nog: ook in de 15 jaar na deze historische prestatie lukte het geen enkele vertegenwoordiger uit Holland om aan de prestatie van Tilburg te tippen. Zelfs de Feenstra Flyers konden in de goede dagen alleen maar dromen van een succes op dat niveau.

Jacques Herijgers.